Tien jaar ct-infobox

“ als het loopt als een aivd’er en praat als een aivd’er,

dan is het een aivd’er”

citaat uit Intelligence, politie en veiligheidsdienst:verenigbare grootheden? Thijs Vis

emergencybox

Vorige week was het zover: de ct-infobox bestaat 10 jaar en dat wordt groots gevierd. Alle betrokkenen komen op een geheime locatie bij elkaar en zullen onder het genot van een glas Dom Perignon toasten op het succes van de ct-infobox. Tien jaar is ook een mooi moment voor een evaluatie en deze zal gepresenteerd worden door de onderzoekers Sander Flight en Christianne de Poot. Maar terwijl de buitenwereld wacht op de officiële evaluatie zaten wij ook niet stil.

We bekeken de lossen flarden informatie over de ct-infobox die er zo hier zijn te vinden. Want laten we wel zijn, zelfs in tijden van toegenomen dreiging, over de ‘box’ wordt amper gecommuniceerd. Zo weinig zelfs, dat we eerder schreven dat de Commissie Dessens (die de WIV 2002 evalueerde) niet van het bestaan van de ct-infobox op de hoogte leek te zijn.

Ondertussen lijkt de ct-infobox weer in belang toe te nemen, veel maatregelen zoals zijn omschreven in het “Actieprogramma Aanpak Jihadisme” zullen van toepassing zijn op mensen wiens gegevens nu worden verzameld in de ct-infobox.

De geboorte

In 2004, nog voor de moord op Theo van Gogh, maar na de aanslagen in London en Madrid, ontdekten de inlichtingen- en opsporingsdiensten dat het nog steeds niet echt vlot liep met de samenwerking. De AIVD, politie vormden zogenaamde Analytische Cel, vooral bedoeld om de toentertijd 150 bekende mensen die aan terrorisme konden worden gerelateerd onder controle te houden.

Het bleek een slecht huwelijk, zo bleek uit het onderzoek van de Commissie Havermans en uit de eerste evaluatie. De AC was ondergebracht bij de politie, een doorn in het oog van de AIVD, er was amper spraken van informatie-uitwisseling, cultuurverschillen waren groot, en er was ontevredenheid over de eindproducten. Ook overheerste bij de ‘partners’ het gevoel dat iedereen zijn subjecten over de schutting gooide, om zo de verantwoording te delen als er iets mis ging.

Van cel naar box

Duidelijk was dat er iets moest veranderen, ook omdat de Analytische Cel in feite niet mogelijk was onder de WIV 2002. De ‘box’, de ct-infobox, werd bedacht. IN huis bij de AIVD, onder volledige jurisprudentie van de WIV 2002 en met meer partners, IND , MIVD, KMAR later aangevuld met FIOD. De NCTV is geen partner, maar neemt wel deel aan bestuur , het Coördinerend Beraad.

Het principe van de ct-infobox werd simpel: iedere partner kan een persoon gerelateerd aan terrorisme inbrengen, de andere diensten kijken welke info er bij hen beschikbaar is, en basis daarvan wordt besloten of iemand langere tijd in de box blijft en welke maatregelen er tegen die betrokkenen worden genomen. Het uitwisselen van de info werd mogelijk doordat de medewerkers van de niet-inlichtingendiensten wel een inlichtingendiensten status kregen.

CV-infobox

Als iemand wordt opgenomen in de infobox wordt er dus een zo goed mogelijk CV van deze persoon gemaakt. De betrokkene wordt bijvoorbeeld ook door de RID bekeken en alle relevante informatie uit de politie districten wordt toegevoegd.

Opmerkelijk is wel dat CIE deze gegevens niet door krijgt uit de ct-infobox en dus niet in staat is om de daar aanwezige informatie door te geven aan de box of om cie-informatnten specifiek extra te bevragen over de subjecten.

Maatregelen

Op basis van alle info worden maatregelen voorgesteld. Het kan inhouden dat besloten wordt voorlopig alleen meer inlichtingen te verzamelen, er kan besloten worden een strafvervolging in te stellen, het vreemdelingenrecht kan in stelling worden gebracht, financiën kunnen worden afgeknepen of er wordt persgericht verstoord.

In het “Actieprogramma Aanpak Jihadisme” zij daar meerdere nieuwe maatregelen bijgekomen, zoals bijvoorbeeld het inschakelen van jeugdzorg en het innemen van het paspoort.

Kritiek

Door de unieke combinatie van diensten en de onbeperkte toegang tot informatie van die diensten is er snel zicht op het totaalplaatje van de persoon die wordt ingebracht. Binnen de ct-inbox (lees AIVD, want iedereen binnen de bo valt onder de WIV 2002) zijn daardoor betere analyses mogelijk.

Punt van kritiek blijft echter het ‘gesloten’ karakter van de ct-infobox. De medewerkers van de IND, politie, OM en FIOD hebben allen een AIVD-status en mogen de eindproducten (analyses) van de ct-infobox niet delen binnen hun eigen organisatie.
Een projectmedewerken IGP beschreef dat als volgt “De oorspronkelijke waarde van de dienst is nu weg. Het is een adviesorgaan geworden. Alle informatie in de box is nu AIVD-informatie geworden. Je verstrekt informatie, wilt wat terug, maar dat kan niet, omdat iedereen nu artikel 60 (AIVD-status) is” (citaat uit Intelligence, politie en veiligheidsdienst:verenigbare grootheden?, Thijs Vis)

Als het voor het nemen van de maatregelen noodzakelijk is dat er informatie van een andere dienst nodig is, dan geeft de ct-box het advies om die onderling te vertrekken op basis van de geldende wetgeving.

In de praktijk zal dat vaak plaatsvinden door middel van een ambtsbericht van de AIVD. Het OM kan op basis daarvan een opsporingsonderzoek starten, de IND kan op basis daarvan iemand vreemdelingenrechtelijk aanpakken en een burgemeester kan op basis daarvan persoonsgericht verstoren inzetten.

Samenwerking?

Maar is de ct-infobox hiermee een goed samenwerkingsverband in de strijd tegen het terrorisme? IN het proefschrift “Intelligence, politie en veiligheidsdienst: verenigbare grootheden” van Thijs Vis wordt daar sterk aan getwijfeld.

Zo constateert Vis dat samenwerking intern dan wel op orde is, maar dat er een probleem is in de relatie tussen de deelnemende partners. De AIVD medewerkers voeren de boventoon, de leidinggevenden van de AIVD zijn door de AIVD-locatie altijd in de buurt, de leiding van andere deelnemers staat op grote afstand. Politiemensen zien de ct-infobox als onderdeel van de AIVD. Zo vertelde een geïnterviewde “ Kijk alle mensen in de box zijn in feite AIVD-ers. Ze krijgen de zwaarste screening, vallen onder aansturing van de directeur democratische rechtsorde en zien bijna alles. Politiemensen zien dingen die andere politiemensen nooit zullen zien. Toen ik in de box zat kon ik ook niks tegen collega’s vertellen”

CTIVD

Hetzelfde verhaal komt in feite naar boven uit het onderzoekdat de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten verrichtte naar de ct-infobox. We hebben hier al eerder over geschreven en het blijft opmerkelijk dat de in zin algemeen gedeelde conclusie, dat er een aparte wettelijke regeling moet komen voor de ct-infobox, door het ministerie wordt tegengehouden.

Het feit dat de Commissie Dessen echter geen woord heeft geschreven over de ct-infobox doet vermoeden dat die wijziging er ook niet gaat komen, of het moet zo zijn dat de evaluatie over 10 jaar ct-infobox weer tot dezelfde conclusie komt.

Effectief?

De Box is zo effectief als de diensten zelf. Meer informatie dan voor het bestaan van de Box wordt geanalyseerd, maar uiteindelijk zijn het de maatregelen die vroegtijdig terrorisme dienen te voorkomen.

De vreemdelingenrechtelijke aanpak lijkt de afgelopen 10 jaar het meest te zijn toegepast. Vermeende leden van de Hofstadgroep, die niet veroordeeld konden worden (of na veroordeling) werden uitgezet, Imans uit Eindhoven werden geweerd, verblijfsvergunningen werden ingetrokken, het totale aantal is onbekend, maar in de analysis wordt dit onderdeel door de gebruikers geprezen.

De kanttekening bij vreemdelingenrechtelijke aanpak is de zwakke rechtspositie van degen tegen wie de maatregel wordt genomen. Waar in het strafrecht hard en meer bewijs nodig is, is hier een ambtsbericht vaak voldoende.

Quis custodiet ipsos custodes?

glurenOud voorzitter van de Procureurs-Generaal, Harm Brouwer, zal op 1 januari voorzitter worden van de Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten. Hij volgt daarmee Bert van Delden op, de huidige voorzitter, die in totaal dan 6 jaar lid is geweest van de CTIVD. Per 1 januari zal ook voormalig korpschef van Rotterdam, Aad Meijboom, die in februari 2010 opstapte nadat uit een onderzoek van het COT bleek dat de korpsleiding voor de strandrellen in Hoek van Holland veel te laat was ingelicht,  op 1 januari toetreden tot de CTIVD. Meijboom nam de verantwoordelijkheid over Hoek van Holland op zich, terwijl hem persoonlijk niks te verwijten viel. Het enige lid van de CTIV dat na 1 januari doorgaat is Liesbeth Horstink-Von Meyenfeldt, net als Brouwer is zij afkomstig van Openbaar Ministerie.

Hoe slim is het nu om een voormalig baas van het Openbaar Ministerie toezicht uit te laten oefenen op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten? Puur persoonlijk bekeken lijkt er geen vuiltje aan de lucht, Brouwer heeft het imago van een ongeschonden blazoen.

Maar puur zakelijk bekeken kan de voormalig voorzitter van de Procureurs Generaal, die daarmee verantwoordelijk was voor het gehele Openbaar Ministerie, nog voor lastige dilemma’s komen te staan.

Kan Brouwer bijvoorbeeld wel onderzoek doen naar kwesties waar hij zelf bij betrokken was of op op zijn minst verantwoordelijk voor was.

Een eerste probleem zal hij tegenkomen als er echt onderzoek zou moeten worden gedaan naar de overleggen tussen Hoofd AIVD en voorzitter van de PG’ s. Het lijkt niet voor de hand te liggen, maar veel onderzoeken van de CTIVD komen onverwachts. En neem nu de notulen van dat overleg van 30 juni 1993. Op zich lijken de neuzen dezelfde kant op te staan over een precair onderwerp: ook de AIVD (destijds nog BVD) wilde gaan infiltreren in de georganiseerde criminaliteit, een onderzoek dat later bekendheid verwierf door een lek naar de Telegraaf.

Maar in de praktijk staan de neuzen helemaal niet altijd dezelfde kant op, zo bleek uit de scriptie “Bouwen aan vertrouwen” uit 2006. Uit de scriptie kwam een beeld naar voren van een zeer problematische samenwerkingsrelatie tussen enerzijds politie en openbaar ministerie en anderzijds de AIVD.

“De realiteit is echter anders” schreven de onderzoekers, “van enige samenwerking is maar mondjes maat sprake en de informatie-uitwisseling is mager. Dit is tevens op te maken uit de bezorgdheid die tijdens het LPC (landelijk platform CIE-officieren van justitie) in november 2005 is geuit”.

Zou iemand die zo’n stempel op het Openbaar Ministerie heeft gedrukt hier onafhankelijk onderzoek naar kunnen doen?

Het is een moeilijk te beantwoorden vraag, maar pijnlijker ligt het bij een dossier waar de  CTIVD steeds van heeft geconstateerd dat het hoognodig opgelost dient te worden. En dat is niet zomaar een dossier: het handelt om de kwestie wie de zeggenschap heeft over de wijze waarop infiltranten strafbare feiten mogen plegen. U kent het wel, recent nog in de serie Penoza, waarbij de loopjongen van Berry, de regelaar van kwade zaakjes voor bazin Carmen, aanpapt met haar dochter, en waar nodig is er rustig op los knalt, terwijl ondertussen duidelijk is dat hij de infiltrant is. Een infiltrant, ook in terrorismezaken, moet niet door de mand vallen als zacht eitje en zal dus ook strafbare feiten plegen.

Nu is daar bij de vormgeving van de huidige WIV in 2002 wel over nagedacht, maar de AIVD en het Openbaar Ministerie moesten zelf tot een regeling komen. En wat blijkt uit allerlei rapporten van de CTIVD, sinds 2002 wordt daarover gesteggeld. De AIVD wel zelf de zeggenschap houden en eist immuniteit van vervolging van infiltranten, het Openbaar Ministerie wil haar recht op vervolging echter niet uit handen geven. Beiden houden nu al ruim 11 jaar voet bij stuk.

Een lastige kwestie dus, want Brouwer die Brouwer onderzoekt, nee, dat klinkt niet erg geloofwaardig.

Opmerkelijk is het wel dat het toezicht op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten nu uitgevoerd wordt door mensen afkomstig van het OM en de politie. Tot op heden maakte ook iemand uit de rechterlijke macht deel uit van de CTIVD (beide voorzitters), maar in geen enkele combinatie tot op heden heeft er iemand uit de inlichtingenwereld in de CTIVD gezeten. Wellicht dat de aanbevelingscommissie voortaan ook een blik kan gaan werpen op de inmiddels ruime wetenschappelijke kennis op het gebied van inlichtingen- en veiligheidsdiensten in Nederland. Daar lopen  vast wel potentiele kandidaten tussen.

 

 

 

 

 

 

een motie

Het was weer eens raak, of moeten we zeggen mis, vanochtend in de Tweede Kamer. Op de agenda stond stond een VAO over de AIVD. Een kort plenair debat naar aanleiding van het Algemeen Overleg van 8 december 2011. Ronald van Raak (SP) had het VAO destijds aangevraagd naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad in de zaak Roel van Duijn. Van Raak stelde voor de Commissie van Toezicht de kwestie te laten onderzoeken en daarbij de bevoegdheden van de CTIVD uit te breiden met onderzoek naar de effectiviteit van de AIVD. De CTIVD mag momenteel alleen de rechtmatigheid van de uitvoering van de taken van de inlichtingendiensten onderzoeken.

Slechts een spreker had zich aangemeld: het PVV Tweedekamerlid Andre Elissen. Ronald van Raak was wel aanwezig, maar andere Tweedekamerleden schitterden door afwezigheid. En dat terwijl het onderwerp, uitbreiding van controle op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, al sinds de nieuwe WIV uit 2002 maar door moddert.

Vandaag was het wederom tien sprongen terug en een stapje vooruit. Elissen diende een motie in waarin hij de regering opriep na tien jaar Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten te evalueren met in het bijzonder aandacht voor de wijze van toezicht. Reden: de WIV is inmiddels tien jaar oud en er is niet automatisch in een evaluatie voorzien en het is nog nooit gedaan.

Het laatste is natuurlijk onzin, maar de Tweede Kamer heeft wel vaker last van witte plekken in het geheugen als het inlichtingendiensten betreft. In 2004 verichte de Commissie Bestuurlijke Evaluatie AIVD, beter bekend als de Commissie Havermans een zeer uitgebreid onderzoek naar de AIVD met als hoofdvragen: welke verwachtingen bestaan er ten aanzien van de dienst, hoe worden de taken uitgevoerd en zijn daarin verbeteringen mogelijk en zijn de bevoegdheden en middelen voldoende om aan de gestelde eisen te voldoen.

We zullen dat onderzoek ,dat gepubliceerd werd in een lijvig rapport ‘De AIVD in verandering’ hier niet verder bespreken, maar de liefhebber (en Tweedekamerleden) kunnen het hier nalezen. Er zijn veel veranderingen in gang gezet na dat rapport en in die zin zou een nieuw evaluatie onderzoek op vergelijkbare wijze zinvol zijn. Een belangrijk punt, de controle, heeft de Tweede Kamer echter laten liggen en diezelfde Tweede Kamer vliegt dan nu zelf als spuit elf uit de bocht.

De Commissie Havermans was destijds helder: de controle op de AIVD is onvolkomen. Vooral de parlementaire controle kreeg een onvoldoende: in de Commissie voor de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CIV, beter bekend als Commissie Stiekem) vinden nauwelijks diepgaande debatten plaats over de wijze waarop de wijze waarop de AIVD zou moeten functioneren.

In de afgelopen jaren lijkt daar niet veel in te zijn verandert. In maart 2010 stelde toenmalig Tweedekamerlid voor de PvdA Ton Heerts voor de CIV uit breiden met vakspecialisten. Het CDA Tweedekamerlid Raymons Knops ondersteunde hem en meldde dat “de fractievoorzitters deze taak serieus moeten nemen door de vergaderingen van deze commissie ook bij te gaan wonen. Nu gebeurt dat lang niet altijd”. Het bleef daarna echter toch weer stil.

De Commissie Havermans concludeerde vooral dat ‘de controle op de organisatie en het functioneren van de AIVD moet worden versterkt. Een bijzondere dienst dient een bijzondere controle vorm te krijgen.’ Havermans zag hierin een taak voor de CTIVD: ‘De commissie van toezicht moet, naast een rechtmatigheidstoets, de formele mogelijkheid krijgen tot onderzoek naar de organisatie en het functioneren van de AIVD, inclusief de wijze van sturing en prioritering.’

De CTIVD was echter geen voorstander van een dergelijke taakuitbreiding. In een reactie op het rapport ‘De AIVD in verandering’ schreef de CTIVD voorstander te zijn van het Canadese systeem, waarbij een inspecteur-generaal dat toezicht uitoefent. De CTIVD was bang voor een te grote en andere organisatie. Toenmalig voorzitter van de CTIV, Irene Michiels van Kessenich – Hoogdam zei destijds: “Wij hebben in een reactie op dat rapport geschreven: kijk nu eens naar de functie van inspecteur-generaal. Op de doelmatigheid is heel weinig externe controle, er is natuurlijk wel interne controle, maar wij hebben de indruk dat de externe controle er ook moet zijn. Wij doen er wel iets aan als het op ons pad komt. De Algemene Rekenkamer heeft weer een heel speciale andere invalshoek. We denken dat een inspecteur-generaal op voldoende afstand van de diensten kan functioneren om kritiek uit te kunnen oefenen. Deze inspecteur-generaal mag niet ondergeschikt zijn aan het hoofd van de dienst, maar staat toch weer zo dicht bij de diensten, dat de kennis van hoe zo’n dienst functioneert aanwezig is. De Commissie Havermans vond dat de CTIVD belast moest worden met het doelmatigheidstoezicht, maar dan krijg je toch wel een heel andere organisatie dan de bedoeling was en dan krijg je gewoon een veel grotere organisatie”.

Instituut Clingendael heeft daarna nog onderzocht hoe de controle in verschillende landen was geregeld. In een reactie op dat rapport stelde de toenmalige minister Remkes dat er in Nederland sprake is van een dekkend stelsel van democratische controle.

De Tweede Kamer heeft het er vervolgens bij laten zitten. In tal van debatten komt de ‘slechte’ controle aan bod, maar een eigen visie op wel of geen inspecteur-generaal, wel of geen uitbreiding van de CTIVD heeft bijna geen enkel kamerlid.

Minister Liesbeth Spies toonde zich vandaag overigens niet afwijzend tegen een evaluatie van de WIV 2002, maar vroeg zich wel af of het nu een wetsevaluatie zou moeten betreffen of een evaluatie van de doelmatigheid van de AIVD. Bovendien melde ze dat er een wetswijziging wordt voorbereid die dit voorjaar ingediend zou gaan worden. Een evaluatie zou dat wetgevingsproces niet voor de voeten mogen lopen. Een omgekeerde route is wellicht zinvoller, pas na een evaluatie een wetswijziging indienen.

Duidelijk is dat de controle op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten een steeds terugkerend onderwerp blijft, waar  in de Tweede Kamer maar marginaal aandacht voor is. Wellicht dat er op het door de CTIVD te organiseren symposium dit voorjaar in het kader van het tien jarig bestaan van de CTIVD spijkers met koppen kunnen worden geslagen. Met spanning wachten we het vooronderzoek van Cyril Fijnaut af.